donderdag 1 september 2011

Mysterie scholen.




Een mysterieschool of inwijdingsschool is een leeromgeving die de ziel in staat stelt zich te herinneren. Een school waar de verschillende aspecten van de werkelijkheid worden belicht en de mens leert zijn aanwezigheid op aarde te ervaren in het licht van de innerlijke wereld. Volgens de theosofische opvattingen bestonden er al mysterie scholen honderden duizenden jaren geleden in Lemurië en het latere Atlantis. Wij kennen deze scholen uit het oude Egypte, zoals de mythe van Osiris en Isis in mysterie wijsheid is vervat. De school van Pythagoras en de mysterie weg bij Plato en Socrates. Sommige scholen waren strikt geheim, andere waren open en voor een ieder toegankelijk. Maar een ieder die een school bezocht moest uiterst gemotiveerd zijn om een doel te bereiken en bewust zijn van de mate van toewijding die de leerweg vroeg. Ook het oer christendom kan als een mysterieschool worden gezien, Jezus als stichter van de school, zonder geheimhouding. De verhouding van Jezus als leermeester en de weg die de leerlingen van hem moesten afleggen om tot de geheimen van het Koninkrijk Gods te komen.

De mysteriën spreken over een oorspronkelijke, immer aanwezige, geestelijke ordening die de tijdloze basis van het bestaande is, de innerlijke wereld. Daarnaast bestaat er de vergankelijke wereld der verschijnselen, die eigenlijk een uitdrukkingsvorm van de innerlijke wereld van de geest zou moeten zijn. Dit is zij niet meer, zij is ontspoord en gaat haar eigen weg en creëert haar eigen leven. Hierbij zijn nieuwe wetmatigheden ontstaan, die in tegenspraak zijn met de primaire uitgangspunten van de innerlijke wereld. Deze zintuiglijke wereld wordt bovendien nog beïnvloed door een demonische wereld, welke eveneens een uitdrukkingsvorm van de geestelijke wereld zou moeten zijn, maar dit niet meer is. Deze demonische wereld heeft vanuit het onderbewuste invloed op de mens. Het betreft de oerinstincten, geëvolueerd vanuit het reptielenverstand, zoals agressie, lust naar sex en drang naar macht, maar ook sluimerende , onopgeloste conflicten waarmee de mens blijft worstelen.
De mens participeert in alle drie de werelden. Zijn diepste zijn behoort tot de wereld van de geest en behoort tot het tijdloze en eeuwig aanwezige. Zijn lichaam bevindt zich in de vergankelijke wereld.

De invloed die deze mysteriescholen op de ontwikkeling van verschillende culturen hebben gehad, is bepalend geweest voor de ontwikkeling van de filosofie van het denken en doen. Als we de leerweg van deze scholen bestuderen komen we tot de conclusie dat de leringen een inzicht verschaffen dat verder gaat dan een zuiver op zintuiglijke feiten en logica gebaseerde informatie, maar die daarnaast het bewustzijn opent voor een meerdimensionale werkelijkheid. De werkelijkheid welke zich los kan maken van het geëigende tijd- ruimte concept. De innerlijke wereld, de wereld van de geest is nauw verbonden met een ruimere werkelijkheid, dat binnen de scholen als een hogere werkelijkheid werd gezien. In dit gebied van de geest ligt het ware domein voor de mens. Hier zetelt zijn eigenlijke kern, zijn ware zelf, die met die hogere werkelijkheid verbonden is. Door zijn leven bewust aan te passen aan die ruimere werkelijkheid en te leven volgens aangeleerde normen, kan zijn bewustzijn transcenderen tot die hogere vorm. Voordat de leerling deze stap kan maken moet hij eerst afdalen in de diepste spelonk van zijn innerlijke bestaan, om later te kunnen opstijgen naar het ultieme ,hogere en scheppende deel van het universele bewustzijn. De ziel kan zich dan zetelen op de troon van de Geest. Regeren in de grootsheid van het kleine, van het hulpeloze, van het ontaarde. Het was niet de bedoeling om de leerling te indoctrineren met nieuwe filosofieën of vermeende waarheden, maar een bewustwordingsproces opgang te brengen die tot een totale verandering van de menselijk essentie leidt. De mogelijkheden van deze transformatie tot een nieuwe toestand van zijn, liggen in de leerling zelf verankerd en moeten worden gestimuleerd en tot bloei worden gebracht.

In de mysterieschool vonden ook beproevingen plaats, om na te gaan of een leerling geschikt was om met de krachten van de geestelijke wereld om te kunnen gaan of weerstand te kunnen bieden aan de wereld der demonen. Dit gebeurde voornamelijk bij de binnenkomst van zo’n school om te voorkomen dat nieuwsgierigen zouden intreden of dat ongeregelde bezoekers zich occulte kennis zouden toe-eigenen om macht te verkrijgen over de demonen en het karma. Dit gebeurde dan door een vertegenwoordiger van de school, maar nooit door de leermeester zelf. De leermeester beoordeelde alleen of de leerling de volgende fase van het leerplan kon vervolgen.
De mensheid als geheel bungelt nu als een zwakke schakel boven een ravijn. De verhouding tussen de schaduw- en zintuiglijke wereld aan de ene kant en de geestelijke wereld aan de andere kant is flink verstoord geraakt. Vanuit de geestelijke wereld worden signalen afgegeven om de ontspoorde zintuiglijke wereld te helpen in zijn onevenwichtige toestand. Dit kan nu alleen maar gebeuren via een bovenzinnelijke werkelijkheid, die de mens moet bereiken voordat hij valt door het noodlot van zijn karma. Het leven zit vol met voetangels en klemmen en de grootste valkuil zit verstopt in de schaduw van onze illusoire werkelijkheid. Duistere dromen drijven voort op onbegrip en wachten op het ogenblik dat wij het venster openen en onze ziel laat kiezen wie of wat het binnen laat. Eenheid in verbondenheid, mededogen en onvoorwaardelijke liefde.
Ik ben jij, jij bent mij en wij zijn zij met ons erbij.

J.J.v.Verre.

-Literatuur:
-Het geestelijke hart van de mensheid, Sarah Belle Dougherty.www.theosofie.net/sunrise.
-Mysteriescholen,Konrad Dietzfelbinger. Uitgeverij Ankh-Hermes b.v. Deventer.

zaterdag 6 augustus 2011

De Ideeën.



De Ideeën is een door Plato bedacht begrip dat scheppende krachtstructuren omschrijft welke pas door het geestelijk oog kunnen worden gezien door ervaring van energieën uit de niet stoffelijke wereld. Het zijn dus geen begrippen die het verstand heeft gedestilleerd uit de zintuiglijke waarneming. Onder de Ideeën worden het “goede”, het ”ware” en het “schone” geschaard.
Het woord “idee” is afkomstig van het Griekse woord “idea” wat gestalte of aanblik betekent en heeft niets met ons woord idee te maken. Plato gebruikte ook het woord eidos (=vorm) voor zijn Ideeën. In het Engels hanteert men het begrip “Theory of Forms”, om zo de verwarring met het woord idee te vermijden. Latere Platonisten legden de Ideeën uit als zijnde aanwezig in de menselijke geest, van daaruit heeft het woord idea in de Westerse talen de betekenis gekregen van opvatting in iemands geest, idee.

Van de ideeën zegt Plato dat ze “waarlijk zijn”. Hiermee wil hij aangeven dat ze eeuwig bestaan en nooit veranderen. Dit in tegenstelling tot het stoffelijke om ons heen, dat tijdelijk is en voortdurend onderhevig aan verandering. Ze danken hun “afgeleide bestaan” aan de Ideeën. Plato verklaart dit nader door te formuleren dat deze voorwerpen “deelhebben aan” een idee. De idee heeft dan de essentie van oerbeeld. In de dialoog Timaeus wordt een referaat vermeld van de hoofdpersoon, Timaeus van Locri, die een metafysische, theologische en teleologische bespiegeling geeft op het ontstaan van het universum.

De Timaeus kan men beschouwen als Plato’s theorie over alles. Alles wat de mens op aarde raakt komt aan bod. Van het universum tot aan de menselijke anatomie en tevens wordt de legende van Altantis hierin beschreven.
In dit werk vertelt Plato een uitvoerig en nauwgezet verhaal omtrent het ontstaan van het universum. Hij begint met een soort van verwondering en bewondering voor het feit dat het universum zo mooi en ordentelijk is geconstrueerd. Dit is dan weer de grond om een verklaring te kunnen geven voor dit ordelijke geheel, wat de filosoof in hem betaamt. Hij ziet dit ordelijke geheel als een product van een doelgericht opererende, goedaardige intelligentie. De Maker van dit geheel is een soort van goddelijke kunstenaar, die hij demiurg noemt. Deze figuur is niet vergelijkbaar met een god, die iets uit het niets kan scheppen. Maar als de demiurg zich conformeert aan de Ideeën, die hij als een perfect model kan gebruiken, kan hij de chaos omvormen tot een geordend geheel. De Thimaeus gaat uit van de vier elementen die het universum hebben gevormd: aarde, water ,vuur en lucht. Plato ging er vanuit dat elk van deze elementen uit andere deeltjes met verschillende geometrische vormen was samengesteld. Het kleinste partikeltje van elk element heeft een bepaalde geometrische vorm. De kubus, het regelmatige zesvlak voor water. De octaëder, het regelmatige achtvlak voor het element lucht. De icosaëder, het regelmatige twintigvlak, voor water en de tetraëder, het regelmatige viervlak voor het element vuur. Elk van deze regelmatige vlakken zijn weer samengesteld uit driehoeken. Slechts enkele driehoeken werden toegelaten, hoeken van 30-60- 90 graden en die van 45-45-90 graden. Elk element kon herleid worden tot de driehoeken die het vormden. Andersom konden de elementaire driehoeken weer worden hervormd tot andere elementen. Dit idee dat de elementen onderling inwisselbaar waren, was de bron voor de ontwikkeling van de alchemie. Plato zelf beschrijft nog een vijfde element waaruit de kosmos zou bestaan. De dodecaëder of kwintessens, een ruimtelijke figuur met 12 vijfhoekige vlakken, 20 hoekpunten en 30 ribben, die hij toewijst aan de hemel met de 12 sterrenbeelden. Ook de latere kwantummechanica heeft duidelijke raakvlakken met de hierboven beschreven opbouw der elementen. Verder wordt in de Timaeus nog de muziektheorie, omtrent de PythagoreÏsche toonladder behandeld en de gulden snede. Het laatste deel van de dialoog handelt over het scheppen van mensen, anatomie en zintuigen. Ook wordt de menselijke ziel beschreven en vertelt iets over zielsverhuizing.

Alleen de Ideeën bezitten de mathematische perfectie om de chaos in het gareel te brengen en een harmonisch geheel te scheppen. Hierdoor kunnen schoonheid, rechtvaardigheid en moed ontspruiten uit de kiem van de Ideeën.
De Timaus was door de Latijnse vertaling van Cicero al in de Middeleeuwen bij ons bekend, eerder dan de vertalingen uit het Grieks van andere werken.
De Timaeus is een belangrijk werk in het begrijpen van het universum en geeft het belang aan van de wiskunde in het menselijk leven en in het menselijk denken. Niet alleen een spel der verbeelding, maar een bron van waarheid? Misschien is leven alleen maar wiskunde en is de juiste formule die alles kan verklaren nog niet gevonden.

J.J.v.Verre.

Literatuur:

-Timaeus,by Plato,360BC,translated by Benjamin Jowett.
New York,C.Scribner's Sons,1871.
-Plato's natural philosophy,a study of the Timaeus/Critias,
Thomas Kjeller Johansen & Kjeller Johansen Thomas,
Cambridge University Press, juni 2008.
-Book of shadows forum,www.bookofshadows.nl/forum
-Plato-Wikipedia.
-Plato's Ideeënleer-Wikipedia.
-Timaeus/Plato, translated by Donald J. Zeyl.Hackett Publishing Co,Inc,april 2000.

maandag 18 juli 2011

Problemen.



Problemen hebben we allemaal, maar het grootste probleem bij het oplossen van problemen is de ontkenning dat het ons probleem betreft. We willen het probleem ontlopen door te denken dat het zich vanzelf oplost in de tijdsdimensie. Hierbij bedoel ik echte problemen en niet een tijdelijke tegenvaller, zoals slecht weer bij een geplande buitenactiviteit. Het oplossen van een probleem kan een pijnlijke zaak zijn. Een proces met voetangels en klemmen, dat ons kan laten lijden en ons kan terugwerpen in nederigheid,doen verbijten in het stof van schroom en ellende. Vanuit het diepe dal kunnen we dan als beloning uitkijken naar de berg van een gelukkiger toekomst.
Een benadering van een probleem kan als volgt worden ingedeeld:

-De slechtste oplossing, die van een primitieve of oer reactie, die van agressie of destructie.
-Een minder slechte oplossing, die van een poging om een snelle, ondoordachte oplossing te vinden.
-Een poging om een overwogen snelle oplossing te vinden.
-De tijd nemen om een weloverwogen oplossing te bedenken.

Echte problemen lossen nooit uit zichzelf op. Echte problemen verdwijnen alleen als er een weloverwogen oplossing voor wordt bedacht. De neiging om een probleem te negeren bestaat bij ons allemaal. Hoe langer zo’n probleem blijft voortsukkelen hoe groter het wordt en hoe moeilijker een oplossing kan worden gevonden. We kunnen de meeste problemen in ons leven alleen oplossen door ze te materialiseren en daarna geleidelijk te dematerialiseren. Maar waarom is dit proces dan toch zo moeilijk? Omdat we een probleem pas echt kunnen aanpakken als we het tot ons probleem beschouwen en niet tot het probleem van een ander. We moeten voor het oplossen van een probleem zelf de verantwoordelijkheid dragen. Nooit blijven denken dat het probleem niet door onszelf wordt veroorzaakt. Of het nu komt door haar of hem, door het werk of door die ongrijpbare overheid, we moeten de schuldvraag laten vallen en het probleem fysiek binnendringen. We moeten als een amoebe het probleem omsluiten en ons met het probleem transmuteren tot een veranderde entiteit. Die nieuwe entiteit gaat dan het oude probleem oplossen. Het zal moeilijk blijven om een onderscheid te maken welke zaken binnen en buiten onze verantwoordelijkheid vallen. Dit kan in vele gevallen discutabel zijn of een meer filosofisch karakter hebben.

De snelheid waarmee de wereld veranderd, die exponentiële versnelling dwingt ons om sneller oplossingen te bieden aan problemen welke er nog niet daadwerkelijk zijn , doch dreigen te komen als we onze levensstijl niet aanpassen. Ook nu moeten we ons verantwoordelijk voelen voor die toekomstige zaken en niet onze volgende generatie met de problemen opzadelen. Ik leef, ik ben bewust en ik wil mij verbinden met het draadloze collectief wat de mensheid heet.
Ik ben jij,jij bent mij en wij zijn zij met ons erbij.

J.J.v.Verre.

.

woensdag 1 juni 2011

Liefde.




-Liefde is een eeuwig bloeiende bloesem die je ziet met je hart en voelt in het hart van de ander.
-Liefde is de kracht die ons verbindt met de extradimensionale bron van kosmisch bewustzijn.
-Liefde is de kracht om je los te maken van het streven naar macht en te zoeken naar eendracht in verbondenheid.
-De vierde definitie van liefde heb ik overgenomen van de Amerikaanse psychiater M. Scott Peck: Liefde is de wil om je eigen zelf te ontplooien zodat het kan bijdragen aan de spirituele groei van zowel jezelf als van je medemensen. Deze zin staat enigszins in contrast met de gangbare opvattingen die we over liefde hebben. Maar volgens deze opvatting is de liefde voor de ander ook direct gerelateerd aan de liefde voor onszelf.

Liefde, verliefdheid en seks zijn drie items welke ik in onderling verband wil bespreken. De verliefdheid is een hartstocht gericht op een mogelijk bezit van een ander, vermengt met seksuele begeerte. Seks is een vervulling van een diep gewortelde drift, welke tot ontlading moet komen. Seks kan uit liefde voortkomen, met liefde gepaard gaan en kan liefde versterken. Seks kan een gevoel van liefde naar eenwording leiden. Natuurlijk kan een mens een vorm van seks bedrijven waarbij geen duidelijke vorm van liefde in het spel is en zelfs kunnen vormen van seks meer met liefdeloosheid worden geassocieerd.

Aimer, c’est mourir un peu, hierbij wordt er een relatie gelegd tussen de liefde en het sterven. De liefde doet de persoon niet sterven, maar de liefde versterkt het diepere zelf en verzwakt het ego. Het ik sterft in de liefdeskracht, verdrinkt in de bron van kosmisch bewustzijn.
Verliefdheid is een gevoel dat wordt veroorzaakt door de release van hormonen en neurotransmitters in de hersenen, deze stoffen werken verslavend, zodat de verliefde persoon in kwestie alles zal doen om het verliefde gevoel in stand te houden. Verliefdsels zijn deze gevoelens die scheikundig worden bepaald en sterk met liefde zijn verwant. Verliefdheid is een gevoel wat ons overkomt en is geen bewuste keuze en kan ons verbinden met een partner die wij helemaal niet aardig vinden en misschien wel in het geheel niet bij ons past. Verliefdheid is de vergankelijke vorm van liefhebben. Als de verliefdheid ophoudt kunnen we kiezen om de relatie te verbreken of met heel ons hart te werken aan een liefdesrelatie met degene op wie we tevoren verliefd waren. Verliefdheid is dus geen echte liefde en kan de drijfveer zijn voor seksuele intimiteit, de basis voor ons instinctieve paringsgedrag, de instandhouding van de menselijke soort.

Seks is een ruim begrip dat nauw verwant is met liefde, maar zich heeft ontwikkelt als een evoluerend fenomeen dat relaties onderhoudt met lust, liefhebben, drift tot voortplanting, kunst en creativiteit. Het heeft een goddelijke associatie in de expressie van bewustzijn door de eenwording via samensmelting. Deze eenwording kan op een hoog energetisch niveau worden beleefd, maar wordt te vaak gedomineerd door de lustgevoelens van het orgasme alleen. Seks is de meest indringende vorm van een spirituele belevenis die de meerderheid van de mensen regelmatig meemaken. De drang naar vereniging van de mens met zijn schepper, maar misschien tegelijkertijd de valkuil die de schepper heeft gegraven om de cyclus van geboorte en sterven te continueren. Seks kan de spirituele vorm van liefde verdiepen en de liefde kan seks meer laten zijn dan klaarkomen alleen. Als we seks zien als een intermenselijke interactie die streeft naar een inter-persoonlijke eenheid in zijn liefdesbron, dan beschrijven we een toestand van extatische versmelting waarbij het eigen ik kortdurend niet meer bestaat. We worden dan even gesublimeerd in het kosmische veld van energetische verbondenheid. We resoneren dan alleen maar mee met een zekere frequentie in dit trillingsveld. We zijn dan niet meer dan een vibratie. Hetgeen we altijd zijn geweest en altijd zullen blijven, ook als de dood bezit heeft genomen van ons lichaam.

Liefde kan de wil stimuleren om te luisteren met ons hart en te zoeken naar de ander in onszelf. Liefde is de drang om te leven in verbondenheid.
Ik ben jij, jij bent mij en wij zijn zij met ons erbij.

J.J.v.Verre.

Literatuur:

-De andere weg. De psychologie van liefde,discipline en spirituele groei. M. Scott Peck. Uitgeverij Maarten Muntinga,Amsterdam.
-Liefde nader bekeken,padwerk en relaties. Eva Pierrakos. Nederlands Paperback,Ankh-Hermes b.v. okt.1993.
-De weg van de liefde. Over spiritualiteit en relaties. Anselm Grün. Forte Uitgevers B.V. 29-9-10.

zondag 1 mei 2011

Intuïtie.


---------------------Intuition a picture of our subconciousness.

De definitie van intuïtie kan ingewikkeld worden geformuleerd of sober. Ik kies voor het laatste. Binnen deze filosofische beschouwing wordt onder intuïtie verstaan: het weten zonder denken. Het luisteren naar een stem vanuit jezelf die de dictatuur van het ego heeft ontvlucht en het denken heeft weten te omzeilen. De stem van je diepere wezen, de stem van liefde, van ongekende creativiteit, van pure lichtheid, van non-dualisme. Een stem die je beluistert met je hart, begrijpt zonder zinnen en weet dat iets zinvols wordt gemeld daar diep van binnen. Deze informatie is het meerdimensionale antwoord op een vraag welke we ons nog niet hadden gesteld, omdat ons denken deze nog niet had kunnen formuleren. Intuïtie is de stem van onze werkelijkheid, verbonden in een netwerk van informatie. Deze werkelijkheid is grenzeloos, onuitputbaar en energetisch zelf opwekbaar in het licht van nog ongekende mogelijkheden.

Carl Jung onderscheidt in zijn persoonlijkheidstheorie (1917), vier psychische functies waarmee de mens informatie ervaart. De perceptie, het denken, het voelen en de intuïtie. Het eerste informeert ons omtrent het verwerven, selecteren en interpreteren van zintuiglijke informatie . Het tweede is een innerlijk of mentaal proces waarbij een beeld of voorstelling van iets of een idee wordt gevormd. Het derde geeft bewustwording aan of energieën al dan niet aangenaam zijn. Het vierde zegt iets over het direct weten, zonder dat we er over nagedacht hebben. Elke functie is een pool van een cirkel, die het zelf symboliseert. Als een van deze polen overheerst wordt, leidt dit tot een bepaald type persoonlijkheid. Een bijkomende, belangrijke factor is of de psychische factor naar binnen(introvert) of naar buiten(extrovert) is gekeerd. Al deze vier functies zijn van wezenlijk belang, maar hoe beter geïntegreerd, hoe beter het uiteindelijke, evenwichtige en meer uitgebalanceerde rendement, een meer harmonieuze persoonlijkheidsstructuur zal opleveren.

Socrates zag de intuïtie als een hemelse influistering. Einstein noemde de intuïtieve geest een godsgeschenk en het rationele verstand een dienaar. Wij hebben een maatschappij geschapen die de dienaar vereert en het geschenk is vergeten. Intuïtie wordt ook omschreven als een andere vorm van denken en handelen, waarbij het gevoel een cruciale factor vormt en medebepalend is voor het verloop. Met name bij het nemen van moeilijke beslissingen kan het gevoel en signalen van ons lichaam die door dit gevoel worden opgeroepen, helpen om een definitieve keuze te maken. Zijn intuïties nou beter dan rationele beslissingen? Intuïtieve ingevingen leiden zeker niet altijd tot betere beslissingen. Alleen de vraag die kan worden gesteld: wat is een goede en wat een verkeerde beslissing? Als we een verkeerde beslissing afrekenen op een kort termijn denken, kan een goede beslissing verkeerd uitpakken binnen een langere termijn visie. Een intuïtief gevoel wat tot impulsief gedrag leidt kan regelmatig leiden tot een verkeerde keuze, omdat niet alle consequenties kunnen worden overzien.

Intuïtie bekleedt een veel belangrijker plaats in ons leven dan we denken. We zijn ons daar niet van bewust. Het bewandelt kronkelige en soms onbegaanbare wegen in een gebied van onbewuste, innerlijke kennis en geeft ons signalen die we kunnen mislopen of soms ontgaan als het denkende ik ze overruled. Als zo’n signaal wordt opgevangen denkt het ik dat hij dit zelf heeft bedacht. Misschien dat alle ideeën zo worden geboren, buiten het denkende ik om.

Intuïtie kan je bevrijden van het blijven rond denken in een cirkel die geen ontsnapping biedt door baanbrekende keuzes. Het maakt het mogelijk om rationele stappen over te slaan en onze logica in te halen. Het is dan de kunst om te vertrouwen op die ingeving die ons leidt naar vooruitgang. Het leven is een weg van afleidingen en omleidingen en wij moeten ons laten leiden via wijsheid, harmonie en liefde naar het doel waar de intuïtie ons verwacht.Een stem die spreekt vanuit het veld der verbondenheid, het kosmische netwerk, waarmee elke entiteit energetisch is verbonden en elk onderdeel de informatie van het geheel in zich draagt.
Ik ben jij,jij bent mij en wij zijn zij met ons erbij.

J.J.v.Verre.

Literatuur:
-Psychologische Typen, Carl Gustav Jung, Servire, Den Haag, 1958.
-Intuïtie als kanaal van innerlijke leiding vanuit het bewustzijn. Hans Feddema, 21-11-2009.
www.hansfeddema.wordpress.com
-Intuïtie (psychologie), Wikipedia.
-Intuïtie, Malcolm Gladwell, Uitgeverij Contact, sept. 2005.

vrijdag 1 april 2011

Mededogen.



Ieder facet van het menselijk denken en doen wordt bepaald door een energetische verbondenheid die het individu aanstuurt als onderdeel van en in samenhang met het geheel als de som van alle individuen. In de Boeddhistische wijsheidsfilosofie is het “zijn” van de dingen elementair als uitgangspunt voor het bestaan en hebben alle andere zaken met het “niet-zijn” te maken. Het “zijn” is de eenheid in verbondenheid, de wezenlijke kern van waaruit alles bestaat en voortkomt. Het zijn of niet zijn daar draait het om in het leven. Het zijn is het non duale karakter van het niet-zijn, dat niet is. Het niet-zijn is het duale karakter van het zijn dat is. Binnen de zijnstoestand van het menselijk wezen is het mededogen een belangrijk begrip om te begrijpen wat onderlinge verbondenheid betekent. Mededogen is een innerlijk gevoel van saamhorigheid met alle entiteiten die lijden. Dit lijden komt voort uit de pijn die het vergankelijke aspect van het leven voortbrengt, ondanks de uiterste pogingen die we ondernemen om hieraan te ontsnappen. Het lijden wordt versterkt door honger, angst, strijd en pijn en is oneerlijk verdeeld tussen en binnen verschillende bevolkingsgroepen. Het gevoel van mededogen kunnen we ons herinneren als we proberen te voelen wat het lijden voor de ander betekent.

Niemand wil lijden, een ieder wil gezond en gelukkig zijn. Ieder mens heeft in feite recht op dat geluk. Als we ons proberen te verplaatsen in de persoon die lijdt, die pijn heeft of zich in een troosteloze situatie bevindt. Dan gaan we ons richten op dat lijden en plaatsen we onszelf in die erbarmelijke situatie. We proberen dan dat zware kleed van pijn en leed op ons te voelen in de hopeloze omgeving waarin die persoon zich bevindt. Nadat we het lijden met onszelf hebben verbonden, zijn wij de ander in zijn lijden geworden. De ander die net zo graag als wij zonder pijn, gelukkig en gezond wil zijn en het lijden wil verbannen naar de verste uithoeken van de wereld. Ervaar het gevoel hoe heerlijk het zou zijn als die ander van de pijn bevrijdt zou zijn.

Dit is het gevoel van mededogen ten aanzien van die persoon. Geen medelijden, maar mede-lijden. Medelijden is een gevoel wat bij ons wordt opgewekt door het lijden van anderen, mededogen is een morele factor die door transformatie in onze geest wordt geschapen.Je richten op de verbondenheid met een medemens en je geest in een mededogend en liefde voelende toestand brengen. Mededogen is solidair zijn met hen die lijden. Hoe rijk we ons misschien zullen voelen, we blijven in geestelijke armoede zolang we geen mededogen kennen. Iemand die het mededogen ontbeert kan geen menselijk wezen genoemd worden, maar is slechts een entiteit in menselijke gedaante.

We zouden ons hart moeten laten overlopen van liefde als we de armen en vertrapten aanschouwen en weten dat velen verstoken blijven van de primaire levensbehoeften en de meest noodzakelijke medische zorg ontberen.
Mededogen is de wereld anders bekijken en de plaats van het ik inruilen voor de plaats van al het zijn.Ik ben jij, jij bent mij en wij zijn zij met ons erbij.

J.J.v.Verre.


Literatuur: De kunst van het geluk, over de zin van het leven. De Dalai Lama en Howard Cutler. Uitgeverij Maarten Muntinga, sept.2010.

dinsdag 1 maart 2011

Het parelnet van Indra.



“Indien de vensters van onze waarneming werden schoongemaakt, dan zou ieder ding voor de mensen verschijnen zoals het werkelijk is: oneindig”.
William Blake,Engels dichter(1757-1827).

Indra’s net of Indra’s juwelen of parelnet genoemd is een metafoor gebruikt om het concept van leegte te beschrijven, dat van afhankelijkheid en vervlechting in de boeddhistische filosofie. De metafoor van Indra’s net werd ontwikkeld door de Mahayana Boeddhistische school gedestilleerd uit de Avatamsaka Sutra geschriften uit de 3e eeuw en later uitgewerkt tussen de 6e en 8e eeuw door de Chinese Huayan school.
Heel ver weg,doch dichtbij in onze fantasie, in de hemelse dimensie, bevindt zich de verblijfplaats van de Vedische god Indra. Hij woonde in een paleis boven op de berg Meru, de axis mundi van de Vedische kosmologie en mythologie.
Volgens de vertellingen uit oude boeddhistische geschriften, de Hua-yen sutra, bevond zich daar een prachtig net. Opgehangen en gemaakt door een goddelijke kunstenaar. Het net strekte zich eindeloos in alle richtingen uit. Aan ieder knooppunt van de ragfijne draden was een spiegelende parel geregen. Omdat het net de oneindige dimensie overspande, bevonden zich ook oneindig veel parels in de kaderloze ruimte. In het spiegelende oppervlak van elke parel, worden alle andere parels weerspiegeld. Alan W.Watts, Engels filosoof en schrijver vergeleek het parelnet met een multidimensionaal spinnenweb, zoals je dat in de vroege ochtend kan zien, bedekt met dauwdruppeltjes die het aspect van kleine pareltjes vertonen. In elke dauwdruppel is de reflectie van de andere druppels zichtbaar. Dit is de boeddhistische opvatting van het universum. De idee van de onderlinge verbondenheid, de interactie tussen de deeltjes, de complexiteit van gekoppelde computer netwerken, de relatie tussen de ideeën van menselijke breinen en meer sociale netwerken. Een veelheid van energetische intelligentie. Elk subatomair deeltje resoneert met zichzelf en met zijn omgevende deeltjes anders zou de wereld van de atomen en de materie niet kunnen bestaan. Door de resonantie in Indra’s grote net ontstaat de communicatie tussen mensen, leefgemeenschappen,landen en werelddelen. Het initieert congressen , conferenties en maakt uitwisseling van ideeën mogelijk.
Als deel van het parelnet hebben wij de aardse taak om de rol van afzonderlijke , universele parel zo bewust mogelijk te vervullen. We zijn samen in dit netwerk verbonden en elke verandering in de individuele parel geeft verandering in de reflectie naar de andere parels toe, die deze verandering weer verder reflecteren. Elke verandering, c.q. ontwikkeling begint bij het individuele en spiegelt de naasten. We mogen onszelf mooi maken, maar moeten voorkomen dat we de andere parels willen opwrijven. We kunnen onze eigen plek in het verwarrende patroon van de werkelijkheid alleen vinden als we de illusie van de materiële wereld doorzien en onszelf vinden. Ik, jij, de parel die bestaat uit de goddelijke energie en deze energie weer uitstraalt naar de naburige parels. Elke individuele entiteit is een onmisbare schakel in het geheel en vormt het centrale deel van het netwerk van de werkelijkheid.
In het boek: ”De eenheid van mens en wereld”, wordt de holografie vergeleken met Indra’s net. Het beeld dat bij holografie wordt gevormd lijkt niet alleen driedimensionaal, maar is ontstaan uit opeenvolgende lagen van lichtgolven, waarbij elk gedeelte ervan, golven van het gehele object ontvangt. Op die wijze is het weer mogelijk om uit een klein deel, het gehele beeld opnieuw te reconstrueren. Het geheel dat in elk van zijn delen besloten ligt. Ik wil ook besluiten met de woorden van William Blake :
De aarde schuilt in een korrel zand.
Het heelal in een bloemblad puur
de oneindigheid in de palm van uw hand
en de eeuwigheid in een uur

De werkelijkheid zoals we die in het leven moeten beleven ligt niet vast, maar bestaat uit mogelijkheden. Die mogelijkheden kunnen we als parel scheppen en door reflectie transcenderen tot een nieuwe werkelijkheid. Alle nieuwe werkelijkheden liggen vast in de bron van het leven, in de schelp waar de parel kan groeien uit een korrel zand. Helaas heeft wetenschappelijk onderzoek aangetoond dat niet een zandkorrel de bron is voor parelvorming maar een indringer, zoals een parasiet. Een organisme wat van buiten de schelp binnendringt zet de mantel aan tot parelmoer vorming. Misschien dat ook hier de werkelijkheid zal veranderen en het wezen van de parel zal schitteren in nieuwe denkbeelden.

Indra’s net symboliseert een kosmos waarin sprake is van oneindig herhaalde interacties of interrelaties tussen alle onderdelen van die kosmos. De bron is tegelijk dat onderdeel, die parel die met de andere in resonantie verkeert. Het geheel is een functie van het enkelvoudige. Ik ben jij, jij bent mij en wij zijn zij met ons erbij.

J.J.v.Verre.

Literatuur:

- De eenheid van mens en wereld, Rüdiger Dahlke, Uitgeverij Ankh-Hermes bv, Deventer.
- William Blake: the Seer and His Vision, Milton Klonsky: New York, Harmony Books, 1977.
- Oosters en westers denken: de betekenis van de oosterse filosofie voor het westen, Alan W.Watts,Den Haag,2000(Synthese).
- Hua-yen Buddhism: The Jewel Net of Indra, Francis H.Cook. The Pennsylvania State Press,1977.
- The Enlightened Mind, Stephen Mitchell, HarperCollins, 1991.
- De Leegte, beschouwing Spirituele Filosofie, dec.2007,J.J.v.Verre.